• Liturgisch centrum Ontmoetingskerk

  • Inrichting Ontmoetingskerk

  • Inrichting Immanuëlkerk

  • Liturgisch centrum Immanuëlkerk

Dienst meekijken

De diensten in de Ontmoetingskerk zijn live én terug te zien.
Klik op onderstaande knop.

Kerkomroep

Opnames uit de Immanuëlkerk en Ontmoetingskerk, incl. diensten van de Hersteld Hervormde Gemeente.

----------------------
Privacy Verklaring

Johannes 20: 1-18 en Hooglied 3: 1-4

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Niets meer normaal. Wat hebben we het er afgelopen jaar vaak over gehad, dat we terugverlangen naar ‘normaal’. Zal het ooit weer normaal worden? Of stappen we over op het nieuwe normaal, wat dat dan ook inhoudt… En ondertussen proberen we zo goed en zo kwaad als het gaat ons dagelijkse leven zo ‘normaal’ mogelijk te leven.

Normaal is nu ook niet echt een label dat je kunt plakken op het Paasevangelie.  Er klinken vanmorgen in deze Paasdienst geweldige woorden:
De Heer is waarlijk opgestaan, halleluja.
Laten we juichen en ons verheugen.

Maar wanneer we inzoomen op het Paasevangelie, dan zien we dat dit niet op een overweldigende en jubelende manier is beschreven, maar juist heel klein.Lang niet iedereen is meteen overtuigd, de vreugde en het juichen zijn er niet direct. Absoluut niet normaal, het Paasverhaal. Vanmorgen staan we hierbij stil en dat doen we aan de hand van vier werkwoorden uit het Paasevangelie: zoeken, huilen, zien en vasthouden.

Zoeken
Allereerst het zoeken. Het begin van Johannes 20 is onrustig, vol met zoeken. Er wordt veel heen en weer gerend, er is onduidelijkheid.
Jezus ligt niet meer in het graf, maar de linnen doeken nog wel. Maria van Magdala, de vrouw die door Jezus bevrijd was van demonen, zoekt haar Heer, maar ze kan Hem niet vinden.

En het lijkt wel alsof Johannes hier woorden uit Hooglied 3 in zijn hoofd had.  Niet gek, als je bedenkt dat in Hooglied Israël de grote daden van God verwoord zag en daarom gelezen werd en wordt op het joodse paasfeest, Pesach.

Zowel in Hooglied als bij Johannes is het nacht en donker.  Niet het moment voor een vrouw alleen om de straat op te gaan. Maar het verlangen is te groot. Ze zoekt, maar ze vindt hem niet. (Hooglied). Ik weet niet waar ze hem neergelegd hebben. (Johannes).

En daar zie ik ook overeenkomsten met onze eigen levens. Dat het soms donker is, dat we vastlopen, het niet meer weten, er niet meer uitkomen.

Beelden van herkenning ook als het gaat om het zoeken. De onrust die we vaak in onze levens, in de wereld, in de politiek hebben en de vaak (te) snelle reacties daarop.

Herkenning ook als het gaat om zoeken naar wegen om door te gaan in deze vreemde tijd. Op zoek naar een uitweg, zodat het weer ‘normaler’ voelt.  Elkaar weer echt kunnen ontmoeten, van aangezicht tot aangezicht, zonder een beeldscherm ertussen.

En ten slotte deed het zoeken van Maria naar Jezus me denken aan ons zoeken naar Jezus. Hoe wij, ieder voor zich, maar ook als gemeente, steeds weer op zoek zijn naar wie Hij is en waar Hij is.  En soms daar in slagen en soms ook niet. Hij gaat ons voor, was het thema van de Stille Week. En soms zien we Hem, vlak voor ons uit, maar heel vaak is Hij ons ook ver vooruit... En is het zoeken naar sporen.  Zoals Maria zocht naar haar Heer.


Huilen
En dan breekt er een volgende scène aan: Maria die bij het graf staat en huilt.  Huilend buigt ze zich naar het graf, waar twee engelen haar aanspreken. Ook hier weer de vergelijking met Hooglied, waar het meisje door de wachters wordt aangesproken. Maar nog steeds geen spoor van de geliefde heer. Hebben jullie mijn lief ook gezien? (Hooglied) Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem naartoe gebracht hebben. (Johannes)

Hebt u gehuild, al dan niet met tranen, dit afgelopen abnormale jaar? Gehuild om het leven dat zo anders ging dan daarvoor? Gehuild om de mensen die je mist of omdat je je zorgen maakt?

Ook Maria had dat Paasfeest, ruim 200 jaar geleden, heel anders voor zich gezien.  Het volk Israël gedenkt en viert Pesach als bevrijdingsfeest.
Zoals God Zijn volk bevrijdt heeft uit Egypte en geleid heeft naar het land van belofte, zo had Jezus haar, Maria, bevrijd van haar demonen.
Hij zette haar op het spoor van God en Zijn beloften. Maar nu lijkt dat een doodlopende weg… Letterlijk en figuurlijk. Zij raakt in paniek, blijft achter in leegte en gemis.  Nu is het laatste wat zij nodig had, ook nog weggenomen: een plek voor haar verdriet. Huilend, een leeg graf...
Welke kant moet ze nu op?

Herkenbaar wellicht, als je in je leven geraakt wordt door verdriet, pijn en leed. Als je zelf een geliefde moet missen, als je gezondheid moet missen, als je… vul maar in. Een fundament is weggevallen, een nieuw moet worden opgebouwd, maar het is er nog niet.

We huilen met Maria ons verdriet. Juist in het opstandingsverhaal is die ruimte er ook, voor gemis en gebrokenheid.


Zien
Maar daarmee is het verhaal niet afgelopen. Het eindigt niet bij het kruis en ook niet bij het graf. En nu zijn we aangekomen bij het werkwoord zien.

Want terwijl Maria met betraande ogen daar rondloopt, komt iemand haar voorbij.  In de waas is daar een onbekende, die Maria opzoekt op een dieptepunt in haar leven. Zie weer de vergelijking met Hooglied. Nauwelijks ben ik hun (de wachters) voorbij of ik vind mijn lief zo lezen we in Hooglied. En Johanns beschrijft het zien met wat ik één van de ontroerendste stukken uit de bijbel vind.

Eerst herkent Maria Jezus nog niet. Degene die ze zocht staat voor haar, maar ze ziet het niet. Maria denkt dat de persoon tegenover haar de tuinman is, die haar Heer heeft weggehaald. Zo kan dat blijkbaar gaan, als je verdriet zo groot is.

Wat maakt nu dat ze Jezus dan toch ineens herkent? Dat is het noemen van haar naam. Maria! Als ze dat hoort, dan herkent ze Hem.  Rabboeni!
Ze keert zich om, zo schrijft Johannes. Noem het bekering.

Maria gaat geloven als ze Jezus ziet. Nou nee, Hem zien is niet genoeg. Pas als Hij haar aanspreekt, haar naam noemt, haar diepste wezen,
dan pas gaat zij zien met andere ogen. Door haar tranen heen ziet ze Hem, het Leven zelf, dan in het gezicht.

De opgestane Heer vind je niet en herken je uiteindelijk niet door diep na te denken, maar doordat je je naam hoort roepen. Doordat je gezien wordt door Hem. Dat begint al bij de doop, wanneer jouw naam verbonden wordt aan de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.
En later kan het je gebeuren bij het lezen van de Bijbel of een mooi gedicht. Een lied dat je hoort, een rake opmerking.
Dat je je aangesproken voelt. Dat die woorden niet vreemd of ver weg blijven, maar dat je je aangesproken voelt.
Bij je naam geroepen.

En dan kan Maria weer verder. Heeft ze er vertrouwen in dat Zijn verhaal doorgaat. Het is nu overal licht geworden. In de stad, in de lucht en ook in haar hoofd. Want Jezus leeft!

Alle geloof waarmee zij Jezus geloofde en vertrouwde, dat alles komt weer tot leven bij haar. In de ontmoeting met de Levende ziet ze weer toekomst. Maria weet nu dat de doodlopende weg niet het einde is. Er is een nieuwe weg te gaan.  Niet meer alleen, alleen met je verdriet, maar met die Ander die je bij je naam heeft genoemd.

Zo worden wij ook, op deze vreemde Eerste Paasdag, bij onze naam geroepen.  Mogen wij, naast alle verhalen en ervaringen van verdriet en verwarring,  ook de verhalen van hoop en licht zien,  waardoor je anders gaat kijken, naar jezelf, de ander en de wereld.

Dat is voor mij een van de wonderen van Pasen. Dat Hij komt, opstaat en je bij je naam noemt. Ons aangrijpt in ons diepste wezen. Dat breekt je leven open en maakt je weer als nieuw. Dat geeft je geloof, hoop en liefde. Zoals in dat lied: ‘De Heer heeft mij gezien en onverwacht ben ik opnieuw geboren en getogen…’  Het donker heeft niet het laatste woord. Het wordt licht, de dag breekt aan.

Vasthouden
Er is nog één belangrijk werkwoord in dit verhaal: vasthouden.

Waar in Hooglied de vrouw haar geliefde vastgrijpt en hem voorlopig niet meer loslaat, lezen we bij Johannes juist het tegenovergestelde.
Houd me niet vast zegt Jezus tegen Maria. Vlak nadat Jezus Maria bij haar naam genoemd heeft, laat Hij niet toe dat Maria Hem vastgrijpt en meeneemt.

Dat komt misschien wat vreemd over, maar Jezus is niet van Maria alleen. In tegenstelling tot Hooglied, is haar geliefde niet alleen voor haar. Maria moet Jezus niet vasthouden, maar Hem loslaten en de boodschap van Zijn opstanding verder gaan vertellen.  Vertellen dat Jezus naar Zijn Vader gaat en wat dat betekent. Maria, zelf bij name genoemd, werd zo in staat gesteld om anderen bij name te noemen.
En zo op aarde Jezus’ handen en voeten te zijn.

En als we dat toepassen op onszelf, hoe zijn wij Jezus’ handen en voeten? Terwijl ik hiermee bezig was, dacht ik aan een film die ik deze veertigdagentijd zag  en me niet meer losliet.  Een film over bootvluchtelingen en vluchtelingenkampen. Zo dichtbij en tegelijkertijd zo ver weg.
Mensen die een nummer zijn, niet bij name worden genoemd. Zoeken en huilen. Donker, het licht is nog ver. Over niet normaal gesproken...

Ik ben er voor jou, was het thema van de veertigdagentijdkalender. Wie is er voor hen, wie noemt hen bij hun naam? Dit is mijn worsteling. Hoe bereikt het wonder van Pasen hen? ...

U hebt wellicht andere worstelingen hoe het wonder van Pasen anderen bereikt.  Het is goed om op deze feestdag daar ook bij stil te staan en iets mee te doen. 

Slot
Zoeken, huilen, zien en vasthouden. Zo vieren we vandaag Pasen. Niet normaal, in allerlei opzichten.  Maar Pasen is dan ook het feest van God, die niets bij het oude laat.  Die zich niet neerlegt bij de feiten en bij wat wij als normaal beschouwen.  Het eindigt niet bij het donker, bij het dichte graf. En dat geeft hoop.  Juist ook in deze niet normale tijd.

Miskotte, een theoloog uit de vorige eeuw zei eens: Heel het christendom komt tenslotte hierop neer, dat er een stem tot ons komt die ons aangrijpt in ons allerdiepste wezen door tot ons te zeggen: Maria. Die door onze eigen naam te noemen onze meest verborgen eenzaamheid treft met een onbegrijpelijke goddelijke toegenegenheid. En dat we daarop eerlijk en zonder reserve antwoorden: Rabbouni – mijn meester!”

Jezus’ verhaal gaat zo verder door ons mensen, die weten wat zoeken en huilen, lijden en dood betekenen.  En die toch samen met Maria uitroepen: ‘Ik heb de Heer gezien!’

Wij staan vandaag op deze Eerste Paasdag in het licht van deze morgen. De eerste dag van ons nieuwe leven ligt voor ons.

Dat het mag zijn, zoals Lied 647 bezingt:
Voor mensen die naamloos,
kwetsbaar en weerloos
door het leven gaan,
ontwaakt hier nieuw leven,
wordt kracht gegeven:
wij krijgen een naam.

Voor mensen die roepend,
tastend en zoekend
door het leven gaan,
verschijnt hier een teken,
brood om te breken:
wij kunnen bestaan.

Voor mensen die vragend,
wachtend en wakend
door het leven gaan,
weerklinken hier woorden,
God wil ons horen:
wij worden verstaan.

Voor mensen die hopend,
wankel gelovend
door het leven gaan,
herstelt God uit duister
Adam in luister:
wij dragen zijn naam.

Halleluja. Amen.

Waddinxveen 4 april 2021

 

Kerkdiensten

Zondag 25 apr 2021

De Rank
  • 10:00 (kompasdienst in Coenecoop College)

Zondag 2 mei 2021

Ontmoetingskerk
  • 09:30 ds. A. ter Schuur-v.d. Plicht

Zondag 9 mei 2021

Ontmoetingskerk
  • 09:30 ds. T. Gaastra

Donderdag 13 mei 2021

Ontmoetingskerk
  • 09:30 ds. H. Overeem, Hemelvaart

Zondag 16 mei 2021

Ontmoetingskerk
  • 09:30 ds. H.G. van Viegen

Activiteiten