De schikking op deze gedachteniszondag is gemaakt bij de schriftlezing uit Jozua 1: 1-9 waarin Jozua het stokje overneemt van Mozes.
Jozua was één van de verspieders en durfde moed te tonen, tegen al het doemdenken van het volk Israël in. Deze moed zorgde ervoor dat het volk geen angst meer had voor de toekomst omdat Jozua hen leerde te hopen en te vertrouwen op de God van Israël. Dit kon hij alleen omdat hij dicht bij God leefde.
De basis van de schikking is een wit scherm, wit is de liturgische kleur voor deze zondag.
Aan het scherm zijn twee takken/stokken bevestigd. Deze staan voor Mozes en Jozua.
De hedera (klimop) staat voor hoop en vertrouwen en symboliseert hier het doorgeven van het stokje: het loopt van de ene stok naar de andere en naar de kaarsen voor de schikking.
De grijze organza verbeeldt het doemdenken en het verdriet dat we op deze dag extra ervaren door het gemis van onze geliefden.
De appeltjes staan voor dat wat we doorgeven aan onze naasten.
De witte roos naast de stok van Jozua symboliseert zijn leven dicht bij God.
De lichtjes achter het scherm en de kaarsen voor de schikking staan voor de moed die nodig is om de angst en het doemdenken te verdrijven.
Om de kaarsen een stokje met hedera als verwijzing naar de schikking.
De hedera verbindt Mozes met Jozua met ons allen: Het vertrouwen, de moed en hoop worden van generatie op generatie doorgegeven.
Wat geven wij door aan onze naasten? Wat herinneren ieder van ons zich van hen die zijn heen gegaan?